#MeToo

#MeToo

Het raakt me. Dieper dan ik wilde toegeven. De hashtag #MeToo en alle vrouwen, bekend en onbekend, die aangeven zich geïntimideerd, bepoteld, bespeeld en gemanipuleerd te voelen door mannen. Mannen die onze lichamelijke, geestelijke en emotionele grenzen overschrijden. En ik ook. #MeToo.

Ik heb gewacht met naar buiten treden. De vrouwentherapeut zweeg. Opnieuw. Ik zweeg omdat ik met mezelf in het reine moest komen. Omdat ik vocht tegen de schaamte, vocht tegen de herinneringen. Vocht tegen het gevoel van niet toe te willen geven hóe erg het is. Ook al lijkt het niet erg. Omdat dát is wat we te horen kregen: “Doe niet zo flauw”, “Preutse trut, jij kan ook niet tegen een geintje.” Omdat ik de goede mannen in mijn leven niet in verlegenheid wil brengen. Want natuurlijk zijn die er óók, en gelukkig in mijn leven in de meerderheid!

Maar het is niet te stoppen. Mijn lijf doet al dagen pijn. De herinneringen, de schaamte, de wanhoop, het gevoel “gek” te zijn, zwerkt als een zwarte vogel door mijn bekken. Strekt zich uit langs mijn ruggengraat en maakt dat ik me klein maak. Krom trek. Mezelf onzichtbaar maak.

Zes was ik toen mijn opa voor het eerst mijn lichamelijke grenzen overschreed. De eerste herinneringen, de schok, de schaamte. “Niks zeggen want anders moet opa naar de gevangenis, en jij ook!” De dreiging. Opgeslagen in mijn systeem. Het duurde jaren. En het duurt jaren om ermee te leren leven. Gaat misschien wel nooit helemaal weg.

Dertien jaar. Wachten op de trein, het is een warme dag. Ik loop de friettent binnen om een ijsje te halen van mijn zakgeld. Drie grote kerels, bouwvakkers. “Wil je een knaak verdienen? Een augurrek in je k*t!” hahahahaha, bulderende lach. Ik verstijf, weet niet wat ik moet doen, waar ik moet blijven. Niemand die iets zegt. Voel me vies, bang, klein.

Jaren later, in mijn eigen huis. Verstopte riolering. ’s Avonds laat, warme zomeravond, voetbal op tv. Man van het ontstoppingsbedrijf komt. Repareert de boel en op de drempel van mijn woonkamer komt hij ineens op me af, met grijpende handen en getuite mond: “Ik ga je zoenen…” Ik deins terug, en zeg dat we dát niet gaan doen. Hij schrikt van zichzelf en mompelt iets van sorry en verdwijnt. Laat mij verward en geschrokken achter. De volgende dag neem ik een besluit en rijd naar zijn huis. Terwijl zijn vrouw op het terras zit, spreek ik hem aan. Hij schrikt nog verder, biedt zijn excuses aan, maar zijn reactie geeft me de indruk dat het niet de eerste keer was dat hij dit deed. Ik voel me sterk en ben trots op mezelf.

Tussendoor: tientallen kleine en grotere voorvallen. Aan mij gericht, aan vriendinnen, onbekende vrouwen op terrassen. Meestal keek ik toe en zweeg ik, deelde ik in haar ongemak. Soms niet, soms sprak ik de man in kwestie erop aan: “Heb je enig idee hoe vervelend dit is voor een vrouw?” De reactie was vaak: “Ik bedoel er toch niks mee? Het is juist een compliment.” Yeah, right…

Ja, lieve mannen: vrouwen zijn prachtig. Maar vrouwen zijn kwetsbaar. Vrouwen groeien op in een wereld waarin de macht nog altijd bij jullie ligt. Jullie zijn fysiek sterk. Jullie zijn vaak groter dan wij. En wij hebben geleerd, al eeuwenlang, dat het niet netjes staat voor een meisje om van zich af te bijten. Ons is eeuwenlang geleerd dat wij niet van onszelf zijn. Dat wij moeten ontvangen. Toen een van de kroonprinsessen van Engeland haar moeder vroeg wat ze moest doen tijdens haar huwelijksnacht, dat ze bang was voor wat komen zou, kreeg ze te horen: “Close your eyes and think of England, dear…”, ik bedoel maar).

Dát, die boodschap zit in onze cellen. En dát doet het meest pijn: dat we gezwegen hebben toen we moesten spreken. Dat wij degenen waren die zich schaamden, in plaats van de mannen die onze persoonlijke grenzen overschreden. Het doet pijn dat we niet veilig waren in ons eigen lijf. Het doet pijn dat onze seksualiteit, waarmee we zo ontzettend veel kunnen bieden, is verkwanseld, platgeslagen, vertrapt. Het doet pijn dat te veel mannen nog steeds denken dat wie zwijgt, toestemt.

Na Anne Faber was ik ineens bang om alleen te fietsen. Ik heb mijn wandelingen in het bos voor me uitgeschoven, die wandelingen die ik zo nodig heb om tot mezelf te komen. Ineens voelde mijn buitenwereld minder veilig.

Maar deze week, door #MeToo word ik uitgedaagd door mijn eigen lijf. Door de herinneringen die bovenkomen, komt ook een gevoel van onveiligheid in mijn eigen lijf naar de oppervlakte. Want iedere keer dat mijn persoonlijke integriteit werd geschonden en ik zweeg, voelde ik me meer kwetsbaar en schaamde ik me nog wat meer en zweeg ik ook.

En dáárom spreek ik me nu uit. Omdat nog langer zwijgen niet helpt. Omdat ik niets heb gedaan om me voor te schamen. Omdat niemand uitmaakt wat ik grappig moet vinden, of lekker, of geil. Omdat ik geen saaie, preutse trut ben, als ik niet door de eerste de beste kerel wil worden aangeraakt, aangeroepen of bespot. En omdat ik wens dat de mannen die van zichzelf weten dat ze de grenzen van vrouwen wel eens hebben overschreden – zelfs zonder kwade bedoelingen – het zelfrespect kunnen opbrengen om te zeggen: #ihave en het spijt me.

FacebooktwitterlinkedinFacebooktwitterlinkedin
2 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *